Het Ondernemersbelang

Uurtarief van 17 mille

 

Column december 2016

Herinnert u zich het ziekenfonds nog? Mensen met een laag tot modaal inkomen waren verzekerd voor ziekenhuis, apotheek en huisarts. Bovenmodale inkomensgroepen moesten zich 'particulier verzekeren', zoals dat heette.

In 2006 veranderde dat. Toenmalig minister Hans Hoogervorst (VVD) dacht dat de kosten voor de zorg zouden dalen als ziekenhuizen en verzekeraars onderling gingen concurreren. Marktwerking was het toverwoord. Vraag en aanbod moesten de prijs bepalen. In dat jaar gaf de rijksoverheid 44 miljard euro uit aan zorgkosten.

We zijn nu tien jaar verder. Enig idee hoeveel de huidige minister – Edith Schippers, ook VVD – uitgeeft? Drie en zeventig miljard euro. Dat is 66 procent meer dan in 2006.

Natuurlijk worden we ouder dan pakweg vijftig jaar geleden, waardoor de zorgkosten toenemen, maar het is quatsch te beweren dat dit de oorzaak van de exorbitante kostenstijging is. Bejaardenhuizen bestaan allang niet meer en verzorgingstehuizen worden in hoog tempo gesloten. Inflatie is er na 2008 nauwelijks geweest.

Het probleem zit in de wijze waarop zorgverzekeraars van de regering de vrije hand hebben gekregen om de prijzen te bepalen. Concurrentie op prijs is er nauwelijks. Wie denkt dat het ziekenhuis de kostprijs van een specialistische behandeling of operatie bepaalt, heeft het mis. De directie van een hospitaal stelt de tarieven vast aan de hand van de bedragen die ze van de verzekeraars die met haar in zee willen ontvangt.

Simpel gezegd: als een ziekenhuis 50 miljoen euro krijgt en het 10.000 behandelingen verricht, dan bedraagt het tarief voor een operatie of andere medische handeling gemiddeld 5.000 euro.

Volgens dit principe kon het dit jaar gebeuren dat het operatief inbrengen van een schroefje in de schedel van een vrouw uit Enschede een nota opleverde van 16.943,36 euro. De behandelend arts was binnen zestig minuten klaar met dit klusje. Dat is nog eens een uurtarief!

Het schroefje zelf, dat als kapstok diende voor een gehoorapparaatje, kostte 1.100 euro.

De vrouw wilde weten waarom de simpele handeling zoveel geld kostte, maar het ziekenhuis weigerde inzage te geven in de kostenopbouw. Zij hoefde het immers niet zelf te betalen. De nota was voor de verzekeraar, en die krijgt z'n geld uit de Haagse belastingpotten.

De vrouw liet het er niet bij zitten en liep naar de krant. Tegen een redacteur zei de woordvoerster van het ziekenhuis dit: "Er is geen enkel verband met de kostprijs van behandelingen. Wij gaan niet inhoudelijk in op uw vraag over de achtergrond van een rekening."

Dit is Nederland 2016.

 

 

< terug